van ’t zeeke naar de groene heuvels

Na een heuse fotosessie aan de Kaspische Zee vertrokken we terug richting binnenland.  Ik voelde me vandaag echt niet goed en na 55 km vleiden we ons neer in een parkje aan de rand van stad Gorgan.  Twee dames die geen Engels kenden spraken Jacob aan, een voetbaltrainer die er toevallig passeerde, om ons te vragen bij hun te komen rusten.  Zij woonden amper 100 m van het parkje waar we lagen en alzo belandden we in de gezellige woning van Zahra, haar dochter Fatemeh en haar echtgenoot Milad, en haar ouders.  Ze woonden amper 3 dagen in hun nieuw appartement en wij werden er ontvangen als koningen (zie leuke ontmoetingen (12)).  Na een korte maar goede nachtrust en de medicatie van Zahra’s schoonbroer Mohamed vertrokken we terug vol goede moed en reden we via Aliabad door een vlakke en groene streek met veel landbouwactiviteit naar het kleine stadje Azid Shahr (zie minder leuke ontmoeting).  Een luxe-overnachting met Iraans buffet-ontbijt gaven ons terug de moed om verder te fietsen.  Met een stevige wind op kop en een stijgend parcours bereikten we tegen valavond het kleine dorpje Tanragh aan de rand van het Golestan Park, deden snel nog wat inkopen en reden 500 m verder in het donker de  plaatselijke “Red-Cresent-post” binnen om te vragen of we er ons tentje mochten opstellen.  Gezien het late uur vonden de hulpverleners het veiliger dat we binnen sliepen en aldus kregen we een stapelbed aangeboden. Na een warme douche vielen we onmiddellijk in een diepe slaap en vergaten te eten. ’s Anderendaags werden we wakker van het gekletter op de ruiten … het was aan het gieten … de eerste regen sinds we de Zwarte Zee verlieten. 

DSCN3084

In een druilerige regen verlieten we de Rode Kruis-post en reden met een flinke rugwind het mooie Golestan Park in.  Ondanks de regen begonnen er reeds veel Iraanse gezinnen te picknicken.  De weg klom gestaag omhoog door het mooie en groene Nationaal Park en even na de middag vleiden we ons neer op een tapijttafel aan een restaurantje voor een lekkere kebabmaaltijd.  We ontmoetten er een fietsclub uit Teheran die op pelgrimstocht naar Mashhad reden.  In de late namiddag kwam er stevige tegenwind opzetten en in Sharman Bid vonden geen overnachtingsplaats, maar zagen buiten het dorp een “Red Cresent Post” liggen.  Onder het vermomd excuus dat Agnes ziek was kregen we er onderdak en een spaghetti aangeboden.  Deze keer sliepen we op het tapijt en de wind gierde de hele nacht rond het gebouw. ’s Morgens bij ons vertrek zagen we dat in de garage van de hulppost een tent stond met een groep fietsers van het Rode Kruis met een logistieke pick-up, die eveneens op pelgrimstocht naar Mashhad reden.

DSCN3150

Dit bericht is geplaatst in dagboek, Indiareis 2015. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *