over de hoogste top naar het laagste punt

Goed uitgerust vertrokken we op een Iraanse zondag in alle vroegte uit Teheran.  Na 22 km begonnen we aan de lange en moeilijke beklimming van Iraans hoogste bergpas (2.697 m), onder een loden zon en bij een tropische temperatuur van 42°.  Mooie panorama’s wisselden elkaar af.  Op 13 km van de top hielden we het voor bekeken en plaatsten we ons tentje op een veldje achter een restaurantje (op 2.004 m).  ’s Morgens nogal frisjes, maar om 7 uur zaten we al op de fiets.  Onderweg fruit en thee gekregen van een kippenboer ; een lange tunnel van bijna 2 km eindigde 100 m voor de top van de Eman Zadeh Hashem Pass – 2.697 m hoog, waar we thee dronken met een groot gezin op uitstap.  Dan volgde een 100 km lange afdaling naar zeeniveau.  Enkele kms na de top verbroederden we met een groep wegarbeiders en kregen we weer thee aangeboden.  Het ging bij momenten pijlsnel naar beneden, maar in de namiddag begon er een sterke tegenwind te blazen zodat we extra moesten stampen om naar beneden te rijden ; bovendien lagen er onderweg nog enkele pittige hellingen.  De wind blies steeds méér onaangenaam en na 65 km afdaling waren we kapot en ontgoocheld en doken we een chic restaurant binnen.  Na een eenvoudige maaltijd bood de baas ons een overnachting aan in zijn nederige woning achter het restaurant.  We waren al in een diepe slaap verzonken toen we om 22 uur bruusk gewekt werden voor het avondeten … dat is het normale uur waarop de Iranezen hun diner nemen en na de cay konden we tegen middernacht eindelijk rustig gaan slapen.

DSCN2933

Na een stevig ontbijt kropen we vol goede moed terug op onze fiets want de wind was intussen gekeerd en blies ons naar de kust.  Tientallen tunnels in – uit, vol smog en autogassen, maar één uur later stonden we in Amol, 100 m boven zeeniveau.  Genietend van een stevige rugwind en bij een temp. van méér dan 40° raasden we naar Qa’em Shahr waar we een glimp opvingen van een plaatselijke trouwfeest en mee konden genieten van het begin van de trouwmaaltijd.  ’s Anderdaags ontbeten we voor het stadhuis en ontmoetten er een man die als jonge gast 5 jaar in Gent gewoond had toen zijn vader er Gast-Professor was aan de Gentse Universiteit … hij sprak nog een aardig woordje Nederlands.  Nog steeds met de wind in de rug maakten we er een marathon-rit van, onderbroken door een Politiecontrole die een half uur nodig hadden om onze passen te controleren. Na 110 km blazen en zweten bij hoge temperaturen bereikten we het kuststadje Bandar-Gaz aan de Kaspische Zee.  Net voor we wilden vertrekken voor het avondmaal hadden we wéér een Politiecontrole aan ons been … toeval ? Na eindeloos wachten moesten we onder begeleiding van het zoontje van de hotelbaas gaan eten in een plaatselijke kebab-tent.  Na ons avondmaal wilden we te voet terug naar het hotel stappen, maar de hotelbaas vond dat té gevaarlijk en stond erop dat we in zijn wagen stapten … en dat voor amper 300 m !!!

DSCN2985

Dit bericht is geplaatst in Algemeen, dagboek, Indiareis 2015. Bookmark de permalink.

1 Response to over de hoogste top naar het laagste punt

  1. Vermincksel ERIK schreef:

    Dat geeft toch geen veilig gevoel hé. Maar jullie hebben niks ondervonden van dreiging ? Is jullie visum,waarop jullie zo lang moesten wachten, al in orde ? Geniet alleszins van de zee en van het mooie weer. Erik

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *